Optimaal genieten bij Hendriks

Lieve lezers,

Zoals jullie misschien gemerkt hebben, ben ik er even tussenuit geweest. Een corona-besmetting en daarbij het verlies van geur en smaak gaat niet zo goed samen met het hebben van deze blog. Maar ik ben weer terug en daarmee neem ik jullie even terug in de tijd, terug naar mijn eerste ervaring bij Hendriks:

De donderdagen op werk zijn altijd zo hectisch en gevuld dat ik blij ben als ik de klapdeuren door ben en richting het weekend loop. Deze donderdag had ik ook nog een goede reden om op tijd (uhm 17.50) weg te gaan. Ik had Hendriks nog op mijn lijstje staan en laat ik daar nou afgesproken hebben. Opnieuw ben ik de eerste die aankomt. Ik loop overigens eerst rustig het restaurant voorbij. Daar word ik gek genoeg wel blij van, want meestal zijn dat de leukere plekjes. Als ik binnenkom, word ik vriendelijk ontvangen. Maar de sfeer? Nee die voel ik nog niet zo.

Ik zie allemaal tafels en aan de wand een lange bank met hoge tafels. Achterin lijkt er nog een ruimte te zijn waar je kunt zitten en daarnaast zie ik in een hoekje de keuken! Wat leuk zo. Achter mij, aan het raam is nog een lang tafelblad waar je met z’n tweetjes kunt zitten terwijl je naar buiten kijkt. Op zich leuk en praktisch, maar geeft mij wel een beetje het snackbar/fastfood idee. Ik ga zitten en kan even om mij heen kijken. De tafel heeft een marmerlook en is heel gezellig gedekt. Daar is het beetje sfeer waar ik naar zocht. De bank aan de zijkant heeft per tafel precies 1 kussentje. Ik heb daar allerlei gedachtes over. Boven deze bank is op de muur een spiegelwand geplaatst, maar deze spiegelwand is dof. Hoe jammer is dat? (Reactie van Hendriks: het is een vintage look en dus expres dof gemaakt. Dat verandert de zaak :)) Ik word uit mijn gedachten gehaald door de serveerster. Of ik alvast wat wil drinken. Heel graag! Ondertussen komt een deel van mijn gezelschap aan. Opnieuw komt, al vrij snel, de serveerster naar ons toe. “Wat ik nog wil vragen, we vergeten dat steeds …” jaja de coronachecklist “… is dat we jarig zijn en of jullie een Gin Tonic van het huis willen”. Wacht, wat? Hier zeg ik geen nee tegen, kom maar door! Nu komt ook de rest van het gezelschap aan en we zijn compleet. Ook zij krijgen een G&T. De drankjes komen eraan. Wel in een wijnglas, dat vind ik jammer. Opnieuw staat de serveerster aan onze tafel. “Kan ik jullie ook oesters aanbieden van het huis?” … Mijn avond kan niet stuk, waar ik volmondig ja zeg, zijn mijn tafelgenoten stil en in twijfel. Gênant dit. Na wat blikken heen en weer zegt ze uiteindelijk: weet je wat, ik breng ze gewoon en dan kan – nu maakt ze oogcontact – degene die het wil ze opeten. Haha “degene” is je dankbaar. We krijgen vier oesters, een per persoon, met gin tonic schuim. Interessant. Zelf houd ik meer van de pure smaak. Vervolgens komt er een bruin broodje op tafel met ansjovis-mousse. Opnieuw: interessant. Dat is even iets anders dan simpel boter en olijfolie. Wel wat zoutig, maar daar is het ansjovis voor.

Laten we het hebben over de kaart. Mijn zus kijkt niet verder dan gerecht 2. Ze gaat voor de garnalenkroketjes. Oke. Hmm tartaar of oeh coquilles. Óf carpaccio van tonijn of tóch coquilles?  We gaan voor de coquilles. Ik werp een blik op de hoofdgerechten en ik hoef niet langer na te denken. Ik.zie.kreeft. Over het dessert moet ik iets langer nadenken. Opnieuw hoeft mijn zus dat niet. Ik doe een wilde gok naar wat ze neemt. Kan niet missen: chocolade moelleux. Ik zie cheesecake, ik zie aardbeien romanov. Oke zorgen voor later want daar komt het voorgerecht aan. Op een druk bordje zie ik drie coquilles met mousse en amandelschaafsel, wat rood poeder en in het midden wat zeekraal. Ik snijd een stukje af en – terwijl ik dit schrijf voel ik me net de pavlov hond – oh wat heerlijk. De romige en luchtige mousse van gerookte amandelen, de perfect gegaarde coquille en, bijzonder, gerookte paprikapoeder. Het past perfect. Ik doe mijn best om zoveel mogelijk hapjes te maken want hier wil ik optimaal van genieten. Mijn zus heeft, “het was heel lekker”, daarentegen haar bord al leeg. Ik had al zo’n vermoeden dat dit een lekker avondje zou worden en ze maken het waar. Even later komt mijn gereedschap op tafel om de kreeft mee te lijf te gaan en kort daarna het bord. Bij het hoofdgerecht krijgen we zelfgemaakte frietjes met mayo (ik denk miso-mayo) en salade. Ik heb wat moeite met de kreeft kraken, hij floept een aantal keer uit mijn vingers en gooi bijna de glazen op tafel om met mijn kraker. Maar hij is lekker puur, helemaal met de geklaarde boter. De paprikapoeder vind ik hier wat onnodig en eigenlijk ook wel een beetje de kreeft overheersen. Als alles is opgeruimd en mijn handen weer schoon zijn, kan ik opnieuw na gaan denken over het dessert. Gezien het herfst is, sla ik de aardbeien over. Ik zie dan ineens in hoofdletters KANEELIJS met gekarameliseerde peer. Kaneelijs ja, maar gekarameliseerde peer? Ik heb daar hele intense herinneringen aan. Ergens in restaurant in een bos in Blaricum was dat mijn toetje en werd ik al misselijk van de geur. De geur die ik nu precies weer ruik. Oké weer even terug naar het hier en nu. Wel bijzonder dat er ‘kaneelijs met..’ staat i.p.v. ‘peer met …’ misschien is de rol van de peer dan niet heel groot. Ik ga heel dapper voor een nieuwe ervaring en kies voor dit toetje. Ik check de heftigheid nog even bij de serveerster en dan kan ik alleen maar afwachten. Dan komt daar mijn bordje aan met daarop – mijn God – drie grote bollen kaneelijs en daarnaast een aantal stukjes peer en eroverheen wat amandelschaafsel. Nu snap ik het, je kunt niet om het kaneelijs heen. Nu moet ik zeggen dat ik echt pro-kaneel ben, maar deze drie bolletjes zijn wel echt een beetje te veel van het goede. Het ijs is wel echt heel lekker, geen ijskristallen en precies sterk genoeg in smaak en geur. Typisch gevalletje van: ik word warm van binnen. Dan heel voorzichtig neem ik een stukje van de gekarameliseerde peer en ik ben aangenaam verrast! Goed te doen, niet te zoet, niet te zompig en samen met het ijs krijg ik het ultieme herfstgevoel.

Wat een heerlijke avond. Het begon goed en daarmee waren mijn verwachtingen voor de rest van de avond ook hoog. Eerlijk is eerlijk, het werd daarna alleen maar beter. Ik ben heel benieuwd naar de rest van de kaart en kan ook niet anders zeggen dan dat ik hier zeker nogmaals terugkom!

Service: 9
Eten: 8,5
Sfeer: 7

x Miss Connoesseur

Vind je dit bericht leuk? Doe je dan even een duimpje omhoog?

Laat je me ook even (dat kan en mag zonder naam/email) in een reactie weten wat je van m’n post vindt?


Delicious December (deel 1)

Het nieuwe jaar is begonnen, Blue Monday hebben we overleefd, de maatregelen worden er niet beter op en eigenlijk willen we liever niet meer terugdenken aan vorig jaar. Ondanks alles was heel december toch een feestje. Eh foodwise bedoel ik dan he. Dus voor deze blog, in een paar delen, toch nog even terug naar december 2020.

10 december was, na bijna vier jaar, mijn laatste werkdag in Leiden. Samen met een collega nam ik die dag afscheid van de poli. Als afscheidscadeau heb ik van mijn lieve collega’s een map gekregen waarin zij een persoonlijke suggestie deden voor een restaurant of recept voor mijn blog. Hoe leuk? Genoeg inspo voor de volgende blogs!

Omdat een groot afscheid niet kon, besloten die collega en ik samen wat te gaan eten. Hoe konden we de dag beter afsluiten dan met kaas en wijn? Ja, dat klopt. Kaas for dinner. Denk je kaas, dan denk je Fromagerie Bon. De vorige keer hebben we daar een 3-gangen proeverij gedaan. Dan waan je je overigens in Frankrijk. De geur van kaas en gedroogd vlees komt je tegemoet. Kleine ronde tafeltjes, houten klapstoeltjes, louvredeurtjes tegen de muur en Franse muziek maken het decor. Dan heb ik nog niet eens genoemd dat je bij elke gang ook een passend glas wijn krijgt. Daar genieten kon jammer genoeg niet, maar wel konden we een thuisproeverij kopen. We hadden er zin in (verkondigden al weken dat we dit zouden doen) en kozen voor 4-gangen inclusief vleeswaren. Je krijgt vier kazen per gang en bij een combinatie met charcuterie wordt een kaas per gang vervangen door vleeswaren. Twaalf stukken kaas? Ja.. we hadden toch iets te vieren? Gang 1 bestond uit geit, schaap en witschimmelkazen, gang 2 (half) harde kazen, gang 3 roodflorakazen en gang 4 blauwader. Vol goede moed gingen we van start, maar na gang twee kregen we het al aardig zwaar. Typisch gevalletje van hoogmoed.. Anyway, meer kaas voor de volgende dag toch? Later heb ik eenzelfde proeverij besteld voor kerstavond. Ik zal het maar niet hebben over de ellelange rij, de vrieskou, de regen, het missen van de bus en alle ellende die daaraan vooraf ging… Ik neem je mee naar de kaasjes uit de verschillende gangen. Want wat kun je nou verwachten van zo’n proeverij?

In de eerste gang (op foto 1 en 2 de eerste twee kaasjes) zat dit keer een frisse geitenkaas uit de Loire met structuren uiteenlopend van krijtachtig naar romig; een romige en ziltige geitenkaas omdat de geitjes grazen op een eilandje aan de Franse kust; een schapenkaas (voor de getraumatiseerden: Nee dit lijkt niet op je eerdere ervaring. Er is zoveel meer dan manchego) die erg smeuïg en romig is en tot slot een witschimmel, rauwmelkse koekaas, uit de Champagne-regio die in zout water is gewassen. Zowel bij de gangen zelf, als binnen elke gang worden de kaasjes opgebouwd van mild naar wat intensere smaken. Gang twee (kaasje drie en vier van foto 1 en 2) heeft mij toch wel het meest verrast. We startten weer met een geitenkaas, ietsje voller dan die hiervoor. Deze keer een Nederlandse kaas, maar gerijpt in de grotten van Frankrijk. Daarna een Italiaanse kaas, voor 80% koemelk en 20% geitenmelk, gewassen in wijn. Ja! WIJN! Vervolgens is ie ingelegd in rode druiven. Deze zitten ook nog over de korst heen. Deze kaas is wat harder en je proeft de subtiele rode wijnsmaak met vleugen door de kaas heen. Vervolgens was er een kaas uit Winsconsin, een combi van cheddar en parmezaan, gewassen in zoete espresso en gerijpt in gemalen koffiebonen. Dit is echt een van mijn favorieten. Je proeft de rijke smaak van cheddar, het zoute van de parmezaan en vervolgens het zoete van de espresso. Gang twee sloten we af met een variant op de pecorino. Deze schapenkaas is geïnjecteerd met zwarte truffel. De smaak is mild, maar tegelijkertijd intens en pittig. Een goede afsluiter voor deze gang en prima start voor de derde gang. De, tsja, stinkkazen. De eerste is een Nederlandse versie op de Taleggio. Heel aards, vol, romig en zalvig. Vervolgens een kaas uit het noorden van Frankrijk, opnieuw, gewassen in zout water. De geur is scherp en zo ook de smaak. Dit is nou zo’n kaas waar je aan denkt bij het concept: kaas en wijn. Ik kan hier wel van genieten. We gaan door met een kaasje, lijkend op een schattige muffin, een minivariant van de Epoisses. Het karakter van deze kaas is alleen niet zo schattig. Dit is dus een gevalletje “hij smaakt anders dan ie ruikt”. Ik krijg dat er bij sommigen maar moeilijk in, maar het is echt zo! Dit kleine kaasje heeft zoveel smaak in zich. Hij is gewassen in Marc de Bourgogne, een sterk destillaat, gemaakt van de pitten en druiven die na de persing van de wijn overblijven. De laatste kaas in deze gang, baas boven baas, is de Munster. Ik denk dat ik daar verder niets over hoef te zeggen.

Deze proeverijen zijn voor mij echt ultieme genietmomentjes. Verrassende kaasjes, prikkelende smaken en een heerlijk wijntje (of drie). Ik zou dit echt elke maand willen/kunnen doen. Ik moet er wel bij zeggen, doe dit alleen als je écht een liefhebber van kaas bent. Niet alleen van de oude brokkelkaas op de borrelplank.

x Miss Connoesseur

Vind je dit bericht leuk? Doe je dan even een duimpje omhoog? Dat helpt mij weer verder. Dit is overigens volledig anoniem.
Ps. Voel je vrij om hieronder een reactie te plaatsen. Het is hiervoor niet nodig om je naam en/of e-mailadres in te vullen.

De anticlimax: Van A(lkmaar) naar Beter..?

In deze gekke tijd, die ondertussen al heel lang duurt, ga je op zoek naar dingen die wel kunnen. Dingen die eventjes leuk zijn en die je een beetje mee terugnemen naar normaal waardoor je weer even kan opladen en door kan gaan, want zoals ik ook tegen mijn patiënten zeg: Ook deze situatie gaat voorbij.

Mijn vriendin (hierna te noemen P) en ik zijn een soort traditie gestart. Hoewel, dat maak ik er nu van. Heel feitelijk: dit is het tweede jaar op rij waarin we net voor de kerstdagen een hotelletje pakken en onze kerstinkopen gaan doen in een andere, nog onbekende, stad om vervolgens de tweede dag naar een, voor ons, bekende stad te gaan.

Dit jaar kozen we voor Alkmaar en hadden we een hotel in Bergen. De dag begon erg grauw en heiig. Onderweg kwamen de eerste druppels op de voorruit en daarna kon de ruitenwisser ook niet meer uit. Eenmaal in Alkmaar was de gevoelstemperatuur -1 en hadden we het nodig om even op te warmen. Op te warmen.. zonder ergens naar binnen te kunnen. We kwamen langs een leuk zaakje en besloten daar een koffie to go te halen. Mijn oog viel al snel op de specials en dan kies ik graag voor de special binnen de specials: doe mij maar de willie vanillie. Een latte macchiato met vanillesiroop, slagroom en stukjes chocolade. De jongen in kwestie deed erg zijn best om er iets feestelijks van te maken. We namen het mee naar buiten en inmiddels kwam ik handen te kort. Mijn paraplu hield ik tussen mijn arm en borst geklemd en liet ik half balanceren op mijn hoofd, in mijn andere hand mijn tas en koffie en ergens nog met de andere hand de slagroom oplepelen. Had ik al gezegd dat ik ook handschoenen aan had? Iets verwarmd, gingen we verder richting het oude centrum van Alkmaar. Je kunt daar trouwens niet echt verdwalen, tegen onze wil in zijn we ongeveer 6x bij het kaasmuseum uitgekomen. De sfeer is wel echt leuk. Je loopt door smalle gangetjes en komt langs allerlei boetiekjes en ambachtszaakjes. Zo viel ons oog op een klein winkeltje met in de etalage glazen stolpen met daaronder verschillende soorten cannoli’s, glazen vaten met daarin verschillende soorten likeur, glazen flessen met pastasauzen en glazen vaten met azijn. Eenmaal binnen was er nog zoveel meer te zien. Bijzondere pasta’s en kruidenrubs en VERSE THEE! Ik vond mijn weg naar boven en kwam al snel terug met twee pakjes verse thee terwijl P nog om zich heen keek. Daarnaast waren we erg geïnteresseerd in de likeurtjes. Of we wilden proeven? – Hoe laat is het eige.. – En of we wilden proeven! Ik koos voor de choco chili en de speculaas. P ging voor de limoncellolikeur. In een mini glaasje werd een beetje likeur afgetapt en al nippend werden we enthousiast. Ook hier gaan twee flesjes van mee. Er is zoveel meer wat ik hier wil kopen en proeven, maar laat ik niet te hard van stapel lopen. Heel tevreden met mijn aankopen gingen we door naar het volgende leuke zaakje.  Een ouderwetse snoepwinkel! Buiten staat een vriendelijke vrouw in een rode polkadotjurk met een matchende hoed met een schepje in haar hand ‘koekjes van eigen deeg’ uit te delen. Zoet, romig, zacht, een beetje crunchy en een vleugje kokos. Heel lekker! Ik krijg meteen zin om zelf aan de slag te gaan met die koekjes van eigen deeg. Eenmaal binnen waan je je terug in de tijd, in een soort museum. Ik krijg een beetje een Harry Potter vibe, ergens op de wegisweg. Er liggen kleine appeltaartjes op de bakplaat, ik zie glazen bakken met trekdrop, tumtum, jelly beans, lolly’s, boterbabbelaars, Haagse hopjes, koekjes en nog zoveel meer.

Voor een snelle hap gingen we naar de Crêperiebar. Even zwaaien met een ouderwetse handbel en je kon bestellen. Ik maakte een combi van beemsterkaas en rode ui, P had geitenkaas en honing. Het regende overigens nog steeds en het was ook nog steeds heel koud. Ergens tussen een winkel en de ingang naar een appartement vonden we een overdekt stukje om onze tassen te laten rusten en rustig onze crêpe op te eten. Prima crêpe, niet zoveel over op of aan te merken. Inmiddels gedeeltelijk onderkoeld en 9km onderweg besloten we om terug te gaan naar het hotel. Daar heb ik, al wachtend op het tijdslot om te eten, ongeveer een half uur op de grond tegen de verwarming aan gezeten. Het restaurant was gezellig ingericht met de kleuren blauw en wit (zoals ook het uiterlijk van het hotel), houten details en kleurrijke schilderijen. Over de hele rechterkant waren er markiezen in blauw en wit geplaatst. Zo jammer, weg hotellook en hallo patatkraam. Het menu was veelbelovend: gerookte wilde zalm, gebraden eendenborst, gevulde portobello en dat waren alleen nog maar de voorgerechten.

Als hoofdgerecht kon je onder andere kiezen uit hertenbiefstuk, parelhoen met truffelsaus, zalmfilet, snoekbaars en een vegaburger. Ik koos voor het seizoenssoepje, mosterdsoep met pulled chicken. P durfde het niet aan en koos voor dezelfde soep maar zonder chicken. Het hoofdgerecht kiezen vond ik wat moeilijker. Ga ik voor iets wat ik ken? Iets waarvan ik weet dat het goed zal zijn óf kies ik voor iets spannends, iets wat mij kan gaan verrassen? In een opwelling kies ik voor de avocado & rösti: krokant gebakken avocadoburger met rösti van pastinaak en warme kappertjesdressing. Spannend! Ik vraag nog even of ik daar friet bij mag i.p.v. de standaard ‘aardappelgarnituur’, waarvan niemand me kan vertellen wat dat is. Nee, tenzij ik een toeslag betaal. Laat dan maar. Het soepje komt en is echt heel lekker. Niet te overheersend en de rokerige pulled chicken erdoorheen zorgt voor een extraatje.  

Dan komt het hoofdgerecht op tafel. Wat doen die stoofpeertjes daar .. ? Waar is de warme kappertjesdressing? En waar is de aardappelgarnituur? Hm. Ik schuif de stoofpeertjes opzij en begin aan de burger. Ergens op de helft krijgt mijn mes het moeilijk. Ik kom niet door de rösti heen. Wat extra kracht, een triangelgeluid op het bord (oeps) en ik kan een hapje maken. Ondertussen wordt gevraagd of alles naar wens is. Ik maak een opmerking over de aardappel, waarna ik terugkrijg dat de rösti dient als garnituur dus ik krijg niets extra’s. Huh? Na deze opmerking krijg ik friet van het huis. Fijn! Terug naar dat hapje dat ik nog steeds balanceer op mijn vork. Ik proef.. karton? Huh hoe kan dit? Tijdens een les levensbeschouwing op de middelbare school heb ik eens rösti moeten maken. Dat smaakte echt aanzienlijk anders dan dit. Ik besluit de burger van de rösti af te halen en zie een verbrand stuk rösti of nouja zo mag je het eigenlijk niet noemen. Het is eerder gebonden geraspte pastinaak. Een paar tikken met mijn mes en het voelt alsof ik aan het steenhouwen ben. Oke dit gaat aan de kant en ik ga opnieuw voor de krokante avocadoburger. Even wat zout en peper eroverheen en poging twee. Nee. Hier is echt zoveel mis mee. Waar is de smaak? Knoflook, ui, iemand? Ik proef geen avocado en zie ook weinig avocado als ik naar de doorsnee kijk. Misschien dan toch met de stoofpeer erbij? Drie keer scheepsrecht? Met ietwat tegenzin probeer ik een stukje stoofpeer samen met de burger, maar ook dat zet geen zoden aan de dijk. Ik ben echt verbaasd. Wat isss dit en waaarom kies ik nou weer voor iets nieuws? Ik vraag een second opinion aan mijn tafelgenootje. Zij is net zo enthousiast en slaat me om de oren met synoniemen: smaakloos, inspiratieloos, lafjes, plain. We spoelen de smaak weg met een wit wijntje zo net voor 20u en houden het voor gezien. Oja, mag ik nog een gemberthee meenemen naar boven? Sorry we hebben geen gember meer, morgen komt de nieuwe lading.

Waar ben ik geweest:

  • ROAST espressobar Alkmaar (+)
  • Samen in de keuken (+++)
  • Sweets & Antiques (++)
  • Crêperiebar Alkmaar (+)
  • Fletcher hotel Marijke (+/-)

x Miss Connoesseur

Vind je dit bericht leuk? Doe je dan even een duimpje omhoog? Dit is volledig anoniem.
Ps. Voel je vrij om hieronder een reactie te plaatsen. Het is hiervoor niet nodig om je naam en/of e-mailadres in te vullen.